Assim tussen Gent en Indonesië
Op vraag van Muziekcentrum De Bijloke Gent creëerde Dick van der Harst in 2008 “Assim”, een werk geïnspireerd op de polyfone schrijfwijze van de in Gent geboren componist Jacob Obrecht (1457/1458-1505).
Obrecht staat in de schaduw van giganten zoals Ockeghem of Deprez, maar werd tijdens zijn leven door veel kenners probleemloos op het allerhoogste niveau gesitueerd. Als geen ander verstond hij de kunst om zeer ingewikkelde compositiemethoden op een hoogst natuurlijke wijze in zijn muziek te integreren. Zijn werk is niet alleen mooi maar dikwijls ook heel ‘onstijlvol’. Soms greep hij terug naar middeleeuwse voorbeelden in tegenstelling tot het oeuvre van zijn collega’s dat al helemaal in een vroegrenaissancistische stijl baadde. Hedendaagse stadsblazersklanken en Indonesische gamelanmuziek kruiden het muzikale betoog van “Assim”. De idee om de link te leggen met de gamelantraditie ontstond pas in een later stadium van het creatieproces. Dick van der Harst leerde die traditie kennen via zijn vader, die in 1927 vlakbij Bandung (Indonesië) geboren werd en die later naar Nederland terugkeerde. In het Amsterdamse Tropenmuseum bevond zich in die tijd een gamelanorkest waar Dick van der Harst wel eens naar ging luisteren. Thuis heeft hij nog altijd een LP met hofmuziek uit Djakarta: heel traag, instrumentaal, hindoeïstisch religieus. Het is één van de weinige zaken die hij opzet als hij heel moe is en het werkt nog altijd om tot rust te komen. Het is erg minimalistische muziek, één en al herhaling de hele tijd door met nu en dan een akkoordje. Daarna gaat het orkest weer door en door. Dat alles maakt ook deel uit van “Assim”.
Net als in de polyfone muziek tref je in de gamelantraditie meerstemmigheid aan. Er zit duidelijk een middenstem, een variërende én een trage lage stem in. Intuïtief voelde Dick van der Harst aan dat dat iets was om Obrecht meer naar zich toe te trekken. Het cantus firmusprocédé van Obrecht krijgt door de typische polyfone gamelanstijl een nieuw geluid.
Dick van der Harst greep bij het componeren van “Assim” o.a. terug naar het motet “Mille quingentis”, een requiem dat Jacob Obrecht schreef voor zijn vader. Zowel de tekst als de compactheid ervan maakten het erg interessant als vertrekpunt. En dan waren er de “Missa plurimorum carminum I”, gebaseerd op Franse chansons, en de “Missa Maria Zart” die uitnodigden tot een compositorische uitstap. De misstructuur die Dick van der Harst hanteert is door de jaren heen bovendien een heel beproefde vorm gebleken. Haar retorische opbouwnodigt uit tot een gemeenschappelijke beleving.Hij vergelijkt het met een ‘supersetlijst’ uit de jazz, iets dat je niet zomaar kan veranderen. Prof. Freddy Decreus stond bij dit alles in voor de keuze van de teksten. Het publiek dient volgens Dick van der Harst niet noodzakelijk alle woorden te verstaan om te begrijpen waar het om draait. Het muzikale ritueel maakt de religieuze of meditatieve inslag duidelijk. Vroeger verstonden de kerkgangers de Latijnse misteksten ook niet. Sommigen beweren dat een mis daarom aangenamer was, want je kon abstracter wegdromen…
In “Assim” wordt de polyfone muziek van Obrecht nu eens behouden, dan weer bewerkt of aangevuld met nieuwe composities. ‘Pure’ vocale fragmenten van Obrecht transformeren en worden afgewisseld met gamelanfragmenten. Drie vrouwenstemmen, verschillende gongs, slagwerk, bonangs, sarons, vedel en luit vormen een uitgekiend ensemble. Tibles, klarinetten en een trombone zorgen voor welluidende – alta capella – interventies. De vader van Obrecht was niet voor niets stadstrompetter in Gent wat het plaatje van dit intrigerende muzikale ritueel compleet maakt.
Hier kan u de recensie van Het Parool lezen. Line-up
Concept, compositie, bewerking: Dick van der Harst
Zefiro Torna sopraan, kempul: Cécile Kempenaers mezzo-sopraan, kempul, tombrone: Els Van Laethem alt, kempul: Petra Noskaiová vedel, saron: Liam Fennelly luit, gender: Jurgen De bruyn
Het Nieuw Gents Stadsblazerscollectief basklarinet, tenora, bonang: Jean-Philippe Poncin klarinetten, gender: Kurt Budé bouzouki, tible, bonang: Dick van der Harst cymbalon: Michiel Weidner vibrafoon, marimba: Wim Konink
Coproductie: LOD – Zefiro Torna – Homerecords Muziekcentrum De Bijloke – Internationaal Festival van Vlaanderen Gent
|